Vorige pagina
Maak je eigen windmolen in 10 stappen

Maak zelf een windmolen die écht draait. Het wordt natuurlijk niet meteen zo'n grote bakstenen molen, maar een kleine van hout en papier.
Je hebt nodig: papier, plakband, een schaar, een speld met een knop, een paperclip, een kleine kurk en een stokje van ongeveer 50 – 80 centimeter lang.

Aan de slag:
 
1.
Neem een stuk stevig papier en zorg ervoor dat het precies vierkant is. Alle zijkanten moeten wel even lang zijn.

2.
Leg een liniaal schuin over het papier en trek streepjes van de ene hoek naar de andere hoek.

3.
Knip de streepje in met een schaar. Je knipt maar tot de helft. Op de tekening hiernaast zie je dat je niet verder moet knippen dan de kleine eindstreepjes.

4.
Probeer nu een kopspeld door de vier punten te steken en daarna door het kruisje in het midden van het vel.
> Let op dat je de punten neemt die dezelfde kant uitwijzen!

5.
Zoek een klein kurkje of stukje kurk en een kraal die om het speldje past.

6.
Zoek een stokje en een paperclip met plakband.
 
7.
Kijk nu eens naar de achterkant van de molen: de speld steekt hier naar buiten. Steek de kraal over de speld heen zodat het stokje niet tegen het papier gaat schuren als alles gaat draaien.

8.
Maak een paperclip aan het stokje vast met plakband.

9.
Steek de speld door het geboorde gaatje of door de paperclip en steek het kurkje op de punt van de speld. Niet te hard aandrukken want dan kan de molen niet draaien.

10.
En nu maar blazen... ja, de molen draait! Gefeliciteerd!
Zet het stokje in een fles of melkpak en laat de wind verder het werk maar doen!
 
Vorige pagina